Gelieve je opnieuw in te schrijven.

Ga veilig aan de slag met veiligheidsinstructiekaarten

Een veiligheidsinstructiekaart kun je beschouwen als een beknopte handleiding om een specifiek arbeidsmiddel veilig te gebruiken en correct te onderhouden.

Wat verstaan we onder arbeidsmiddelen? Alle hulpmiddelen die bij het werk gebruikt worden. Dit kan variëren van eenvoudige toestellen zoals printers en beeldschermen, tot werktuigen en machines zoals boormachines en elektrische transpalleten.

Werkgevers zijn wettelijk verplicht om te waken over de veiligheid van werknemers, dit geldt ook voor het opmaken van de veiligheidsinstructiekaarten.

Welke aspecten moeten aanwezig zijn op een veiligheidsinstructiekaart?

1. Risico-evaluatie

Het eerste aspect van een veiligheidsinstructiekaart is de risico-evaluatie. Hier worden alle gevaren weergegeven. Enkele voorbeelden van gevaren: warm oppervlak, opgelet voor verwondingen aan de handen, struikelgevaar, schadelijke of irriterende stoffen, lage temperaturen, gevaarlijke elektrische spanning, enz.

Als het gevaar van toepassing is voor het arbeidsmiddel moeten de mogelijke risico’s en gevolgen in kaart gebracht worden bij gebruik van het arbeidsmiddel. Daarnaast moeten er ook veiligheidsmaatregelen opgesteld worden om de kans op een ongeval te minimaliseren.

2. Richtlijnen

Het tweede aspect van een veiligheidsinstructiekaart zijn de richtlijnen voor veilig gebruik. Deze richtlijnen bestaan uit twee luiken.

Enerzijds moeten er richtlijnen zijn om het arbeidsmiddel veilig te gebruiken. Anderzijds omvat het instructies om het arbeidsmiddel correct te onderhouden.

3. Inspectie

Het derde aspect van een veiligheidsinstructiekaart is de inspectie van het arbeidsmiddel. Hierbij wordt er uitgelegd waar je op moet letten voor je het arbeidsmiddel gebruikt, maar ook tijdens en na gebruik.

In een bijkomend onderdeel van de veiligheidsinstructiekaart kunnen ook werknemers hun eigen werkervaring delen op de kaart om anderen op de hoogte te stellen waar ze zeker op moeten letten.

4. Persoonlijke beschermingsmiddelen


Het vierde aspect van een veiligheidsinstructiekaart zijn de persoonlijke beschermingsmiddelen die werknemers moeten dragen bij gebruik van het arbeidsmiddel.

Hier wordt een onderscheid gemaakt tussen beschermingsmiddelen die continu gedragen moeten worden en middelen die enkel van toepassing zijn bij specifieke omstandigheden. Enkele voorbeelden van persoonlijke beschermingsmiddelen: dragen van een helm, aangepaste werkhandschoenen, mondbescherming, aangepast werkkledij, werkschoenen, fluovest, gasmasker, enz.

Hoe zit de opmaak van een veiligheidsinstructiekaart in elkaar?

Bij nieuwe arbeidsmiddelen zijn fabrikanten ook verplicht om een gebruiksaanwijzing mee te geven. Dit kan als bron dienen om een veiligheidsinstructiekaart te maken.

Het is belangrijk dat de veiligheidsinstructies in een oogwenk te vinden zijn op een veiligheidsinstructiekaart. Vertrek ook vanuit eenzelfde model om uniformiteit te creëren over alle veiligheidsinstructiekaarten die gebruikt worden binnen jouw onderneming.

Bovendien moeten de veiligheidsinstructiekaarten in een duidelijke en verstaanbare taal geschreven zijn voor de gebruiker. Streef ernaar om zo compleet mogelijk te zijn in zo weinig mogelijk woorden. Dit maakt een veiligheidsinstructiekaart meer efficiënt en bruikbaar.

Zit je nog met vragen en/of opmerkingen? Neem contact met ons en we helpen je zo snel mogelijk verder.

Beschrijving

Meer artikels

15/01/2026

Loonindexering op 1 januari 2026 – PSC nr. 149.01

De loonindexering op 1 januari 2026 vormt een belangrijk moment voor zowel arbeiders als werkgevers in de sector van de elektriciens (Paritair Subcomité nr. 149.01). Deze automatische aanpassing van de lonen heeft als doel het koopkrachtverlies als gevolg van de stijgende levensduurte te compenseren. Op basis van de afgevlakte gezondheidsindex wordt een loonindexatie van +2,23 % officieel toegepast op alle minimumuurlonen en effectieve lonen. Dit artikel, geactualiseerd voor de indexeringen van 2026, biedt u een volledige, duidelijke en praktische analyse om inzicht te krijgen in de nieuwe bedragen, de anciënniteitsregels en de concrete gevolgen voor uw onderneming.
15/01/2026

Loonindexering op 1 januari 2026 – APCB nr. 200

Op 1 januari 2026 genieten de bedienden die ressorteren onder het Aanvullend Paritair Comité voor Bedienden (APCB nr. 200) van een loonindexatie van +2,21 %. Deze automatische aanpassing heeft tot doel het koopkrachtverlies als gevolg van de stijgende levensduurte te compenseren en is van toepassing op zowel de minimumlonen als de effectief uitbetaalde lonen. In dit artikel biedt ELOYA een volledige en actuele analyse van de nieuwe regels die in 2026 van toepassing zijn, met bijzondere aandacht voor de barema’s, de jaarpremie, de sectorale aanvullende pensioenregeling en de verplichtingen van de werkgevers.
12/01/2026

Elektronische facturatie: een tolerantieperiode van 3 maanden

Vanaf 1 januari 2026 wordt elektronische facturatie wettelijk verplicht in België voor alle B2B-transacties tussen btw-plichtige ondernemingen. Om bedrijven te ondersteunen bij deze belangrijke overgang heeft de FOD Financiën een beperkte tolerantieperiode van drie maanden aangekondigd, die loopt van 1 januari tot en met 31 maart 2026.

Hou uzelf up-to-date en

lees onze laatste nieuwsartikels

Vijf voordelen van een ELOYA-lidmaatschap

ELOYA

Christmas

Een magische basketbalervaring voor onze leden!

26/12/2024

ING Arena – Miramarstraat, 1020 Brussel